Afvalscheiding alleen is niet genoeg voor het Nederlandse bedrijfsleven
Uit nieuw onderzoek van Multiscope, uitgevoerd in opdracht van PreZero onder 1.049 werkende Nederlanders, blijkt dat medewerkers Zero Waste belangrijk vinden, maar dat bedrijven in de praktijk vooral blijven steken bij afvalscheiding. De resultaten laten zien dat 2026 een kantelpunt moet worden: om echt vooruitgang te boeken is het noodzakelijk verder te kijken dan het scheiden van afval. Denk aan duurzaam inkopen, reparatie boven vervanging en het actief verminderen van grondstofgebruik. Opvallend is dat ruim de helft van de respondenten zich er niet van bewust is dat deze aanpak ook kostenbesparingen kan opleveren.
Zero Waste staat voor een samenleving waarin we minder weggooien, meer hergebruiken en zorgvuldig omgaan met schaarse grondstoffen. Met dit onderzoek maakt PreZero de kloof zichtbaar tussen goede intenties en daadwerkelijke uitvoering. CEO Christian Kampmann: “De ambities zijn er, maar de voortgang blijft achter. Dit onderzoek is voor ons een belangrijk aanknopingspunt om het gesprek over Zero Waste te verdiepen en te versnellen.”
Medewerkers willen meer, maar eigenaarschap ontbreekt
Bijna driekwart van de ondervraagden (72%) is bekend met het begrip Zero Waste en vindt het belangrijk dat hun organisatie hier actief op inzet. Grote bedrijven lopen daarin vaker voorop: 51% van de medewerkers bij grote organisaties vindt het belangrijk om koploper te zijn, tegenover 30% bij kleinere bedrijven. Tegelijkertijd geeft één op de vijf respondenten aan niet te weten wie binnen de organisatie verantwoordelijk is voor circulaire bedrijfsvoering. Waar dit eigenaarschap wel duidelijk is, ligt het vooral bij het topmanagement van grote bedrijven (34%).
Volgens Kampmann ligt hier een belangrijke kans: “Bedrijven waar medewerkers intrinsiek gemotiveerd zijn om circulair te werken, zetten sneller stappen. Door medewerkers op alle niveaus te betrekken en hun kennis over Zero Waste te vergroten, ontstaat meer draagvlak én versnelling.”
Focus blijft liggen op afvalscheiding
Als het gaat om concrete Zero-Waste-initiatieven, noemen medewerkers vooral afvalscheiding en het gescheiden inzamelen van specifieke afvalstromen (68%). Andere maatregelen blijven achter: 38% ziet initiatieven om verpakkingen of wegwerpmaterialen te verminderen en 34% noemt hergebruik van materialen en producten. Trainingen, workshops en deelname aan milieu-initiatieven komen nauwelijks voor. Ruim één op de vijf respondenten (22%) geeft zelfs aan dat er binnen de organisatie helemaal geen Zero-Waste-initiatieven zijn.
Onbenutte kansen voor kostenbesparing
De meeste bedrijven scheiden hun afval in twee tot vier stromen, waarbij papier en karton en restafval het vaakst apart worden ingezameld. Toch is zes op de tien medewerkers (63%) niet op de hoogte van het feit dat plastic, drankenkartons en verpakkingsglas vaak gratis kunnen worden ingezameld. Het benutten van deze mogelijkheden vermindert direct de hoeveelheid restafval. Minder dan de helft van de respondenten (47%) weet bovendien dat afvalscheiding financieel voordeel kan opleveren.
Kampmann benadrukt dat Zero Waste ook economisch aantrekkelijk is: “Investeren in extra afvalscheiding en circulaire oplossingen levert dubbel rendement op. Het vermindert restafval én helpt bedrijven kosten te besparen, zeker met het oog op de stijgende kosten door de CO₂-heffing op restafval.”
Circulair werken als volgende stap
Hoewel 46% van de respondenten meer of beter afval scheiden ziet als volgende stap richting Zero Waste, worden maatregelen als duurzaam inkopen, hergebruik, reparatie en duidelijke doelstellingen minder vaak genoemd. PreZero begrijpt dat bedrijven opereren in economisch onzekere tijden, maar ziet juist in circulair werken een toekomstbestendige en kosteneffectieve oplossing.
“Zero Waste klinkt voor veel organisaties complex en ver weg,” besluit Kampmann. “Maar wie toekomstbestendig wil blijven én kosten wil besparen, moet verder kijken dan afvalscheiding. Circulair werken maakt Zero Waste concreet en haalbaar en is de sleutel tot minder afval, minder verspilling en meer hergebruik.”
