Onze website maakt gebruik van cookies.

Deze website maakt gebruik van cookies om ervoor te zorgen dat u de beste ervaring op onze website krijgt. Meer informatie

De inductiekookplaat: populairder dan ooit

Steeds meer huishoudens stappen over op inductie. Dat is niet gek, want koken op elektriciteit past goed bij de trend van gasloos wonen. Nieuwbouwwoningen hebben vaak standaard geen gasaansluiting meer. Ook in bestaande woningen kiezen veel mensen bewust voor een inductiekookplaat. Het is veilig, snel en makkelijker schoon te maken dan gas. Maar voordat je overstapt, is het slim om te kijken of je installatie geschikt is.

Waarom steeds meer mensen overstappen op inductie

Inductiekoken heeft veel voordelen. De kookplaat zelf wordt niet heet, waardoor je minder kans hebt op verbranding. Daarnaast kun je er nauwkeuriger mee koken en is de plaat snel weer afgekoeld. Ook energietechnisch is het aantrekkelijk, zeker als je zonnepanelen hebt. De overstap op inductie past bovendien bij andere ontwikkelingen in huis, zoals elektrisch verwarmen of een warmtepomp.

Wat verandert er in je huis als je gaat koken op inductie?

Een inductiekookplaat vraagt meer stroom dan een gaskookplaat. Je hebt geen gasleiding meer nodig, maar wél een aansluiting die voldoende vermogen levert. In de meeste gevallen betekent dit dat er een aparte kookgroep in de groepenkast nodig is. Afhankelijk van het type kookplaat en je bestaande aansluiting kan dat een 2-fase of een 3-fase oplossing zijn.

Waar moet je op letten bij het kiezen van een inductiekookplaat?

Niet elke inductiekookplaat is hetzelfde. Er zijn modellen met twee, vier of zelfs vijf kookzones. Ook het maximale vermogen verschilt per type. Hoe groter het vermogen, hoe sneller je kunt koken, maar dat vraagt ook meer van je stroomvoorziening. Kijk daarom goed naar de technische specificaties van de kookplaat en stem die af op wat je groepenkast aankan. Zo voorkom je dat je installatie overbelast raakt of aangepast moet worden.

Wat als je later wil overstappen naar een zwaarder model?

Misschien begin je met een standaard inductiekookplaat, maar wil je op termijn een groter model of combineren met andere elektrische apparaten zoals een stoomoven. Houd daar alvast rekening mee bij het kiezen van je aansluiting en groepenkast. Een overstap naar een zwaarder model vraagt soms om een 3-fase aansluiting of extra aanpassingen in je installatie. Door daar vooraf over na te denken, bespaar je later kosten en werk.

Heb je een aparte groep nodig voor een inductiekookplaat?

Ja. De meeste inductiekookplaten werken op een zogenoemde 2x230V-aansluiting. Dit betekent dat de kookplaat wordt verdeeld over twee groepen in je groepenkast. Samen leveren die dan tot 7200 watt. Dat is voldoende voor de meeste standaard inductiekookplaten in een huishouden. Deze oplossing is geschikt bij een 1-fase aansluiting, zolang je totale stroomverbruik onder de 35 ampère blijft.

De rol van de groepenkast bij inductiekoken

Je groepenkast bepaalt wat er technisch mogelijk is. Bij een 1-fase aansluiting loopt alle stroom via één fasedraad en een nuldraad. Dat levert maximaal zo’n 8 kW. Voor veel huishoudens is dat genoeg. Heb je echter meerdere grote verbruikers tegelijk, zoals een inductiekookplaat én een laadpaal of warmtepomp? Dan kan een 3-fase aansluiting slimmer zijn. Hierbij zijn drie fasedraden beschikbaar, wat het vermogen verdubbelt en beter verdeeld. Bekijk het assortiment voor diverse opties.

Geplaatst in Blogs
27 nov. 2025